Sociale geschiedenis onderscheidt zich van andere historische benaderingen door haar belangstelling voor maatschappij-historische thema's, zonder een voorkeur voor plaats of tijd. Dat betekent dat je in de sociale geschiedenis heel goed diachrone vragen kunt stellen, vragen die de grenzen van een tijdvak overstijgen, zoals “Waarom werd het Westen rijk” of “Waarom zijn sommige landen democratischer dan andere”? Sociaal-historici zijn dan ook vaker dan andere historici geïnteresseerd in vergelijkingen, en ze gebruiken ook wat vaker inzichten en theorieën uit de sociale wetenschappen.
Maar het is binnen de sociale geschiedenis ook mogelijk je op een veel kleiner onderwerp te richten (een individu, een groep mensen of bijvoorbeeld een wijk) gedurende een beperkte periode. Zelfs gebeurtenissen uit de politieke geschiedenis kun je vanuit een sociaal-historische hoek benaderen. Daarbij streven wij er wel naar dat individu, die groep of die gebeurtenis te bekijken in samenhang met historische ontwikkelingen op de middellange of lange termijn. Dus als je het lezerspubliek van een specifiek boek in een bibliotheek wilt onderzoeken, dan kijken wij ook graag naar de context waarin dat boek is geschreven en naar de leefwereld van het lezerspubliek. Of als je de activiteiten van een groep handelaren wilt onderzoeken dan zien we die graag geplaatst binnen de netwerken die een bloeiende handel mogelijk maakten. En als je wilt schrijven over de opstand van Amsterdammers in 1917, dan willen wij graag de achtergronden van dat oproer weten en of er ook elders vergelijkbaar verzet voorkwam.
Een van de aantrekkelijke aspecten van de master Sociale geschiedenis is onze uitstekende band met de medewerkers van het Internationale Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG). Dit belangrijke onderzoeks- en documentatiecentrum is een rijke bron aan archieven en kennis waar veel van onze studenten van profiteren. Ook met het Gemeentearchief in Amsterdam onderhouden wij een bijzonder goede relatie. Verder participeren wij in het N.W. Posthumus-Instituut, een interuniversitair samenwerkingsverband, dat vooral onze studenten in de onderzoeksmaster toegang geeft tot een omvangrijk nationaal en internationaal netwerk van collega-historici.
Je kunt je mastertraject Sociale geschiedenis breed invullen of, als daar je voorkeur naar uitgaat, juist kiezen voor een meer gespecialiseerde sociaal-culturele, sociaal-economische of sociaal-politieke invulling. De masterkeuzevakken zijn bij uitstek geschikt om je voorkeuren te realiseren. Hieronder volgen enkele mogelijkheden, maar je kunt in overleg met de mastercoördinator ook een vak kiezen bij Kunstgeschiedenis, Europese Studies, of uit het aanbod in de sociale en economische faculteiten.