|
Leerdoelen
In dit vak maak je op twee manieren kennis met literaire en andere culturele instituties. Het eerste gedeelte van het vak wordt verzorgd door de leerstoelgroep Historische Nederlandse letterkunde. Het doel is studenten in het laatste jaar van hun bachelor een oriëntatie te bieden op de actuele vakbeoefening van de historische Nederlandse letterkunde en hen te laten reflecteren op hun eigen mogelijk rol daarin, hetzij in de researchmaster of in de eenjarige aansluitmaster. Het tweede gedeelte wordt verzorgd door Moderne Nederlandse letterkunde. Na deze cursus ben je in staat om de belangrijkste literaire en andere culturele instituties vanaf de middeleeuwen tot heden te benoemen. Ook kun je in grote lijnen hun geschiedenis schetsen. Je leert de bepalende rol van literatuuropvattingen te duiden en je neemt kennis van methoden waarmee instituties en literatuuropvattingen worden bestudeerd.
Inhoud
In het eerste gedeelte van het vak krijg je twee keer een kijkje in de werkzaamheden die aansluiten bij een master: in de eerste drie weken de researchmaster en in de laatste drie weken de eenjarige aansluitmaster. In het kader van een van de doelen van de eenjarige master, vertaling van kennis naar een algemeen publiek, zullen we meewerken aan de voorbereiding van een tv-serie over de Gouden Eeuw, die in 2012 wordt uitgezonden. Bij de colleges hoort een set van opdrachten, Deze worden getoetst in een afsluitend essay.
Het tweede deel van de cursus sluit aan op het vak ALW2: hoe literatuur literatuur wordt. Daarin leerde je dat, naast de schrijver en de lezer, allerlei instituties betrokken zijn bij de productie, verspreiding en waardering van literatuur. In deze collegereeks wordt vanuit een historisch perspectief een overzicht gegeven van de belangrijkste literaire en culturele instituties door de eeuwen heen: het hof, de uitgeverij, de kritiek, het onderwijs en de overheid. De uitgangsstelling is dat het literaire veld in de moderne geschiedenis in toenemende mate autonoom is geworden en zich heeft losgemaakt van – in het bijzonder – de invloed van kerk en staat. Je bestudeert deze ontwikkeling door je te verdiepen in de opkomst en ondergang van instituties als het klooster, de rederijkerskamers, genootschappen, de literaire kritiek, de uitgeverij en het literatuuronderwijs.
Vanuit dit historische perspectief wordt vanzelfsprekend ook gekeken naar de situatie van vandaag. Daarbij komt ook de fundamentele en intrigerende vraag aan de orde of er in onze tijd sprake is van een afname van de (relatieve) autonomie van het literaire veld. Hoe gaat het literaire systeem om met ontwikkelingen als commercialisering en globalisering? Wat gebeurt er met de literatuur in een cultuur die in toenemende mate door massamedia wordt bepaald?
Aanmelden
Zie het rooster van de bacheloropleiding Nederlandse taal en cultuur op
http://rooster.uva.nl.
Onderwijsvorm
Werkcollege in blok 1; Hoorcollege in blok 2
Onderwijstijden
2 uur per week.
Studiemateriaal
Wordt tijdens het eerste college bekend gemaakt
Kosten
ca. € 20,-
Toetsvorm
|
| Zak/slaagregeling
|
| De student is geslaagd indien voor beide onderdelen afzonderlijk tenminste een 5,5 is behaald.
|
|
|
|
| Herkansingsregeling
|
| Het comparatieve essay kan worden verbeterd, het schriftelijke tentamen herkanst.
|
|
|
"Toetsingsregeling onder voorbehoud. Deze regeling kan nog tot aanvang van de inschrijving voor het onderwijs gewijzigd worden".
|