De bacheloropleiding Religiestudies heeft ten doel studenten zover in het vakgebied van de religiestudies op te leiden dat zij kunnen doorstromen naar een masteropleiding op het terrein van religiestudies of een beroep kunnen uitoefenen waarvoor religiestudies vereist is. In de bacheloropleiding die bij de UvA wordt gegeven, staat het thema
religieuze pluraliteit in de westerse cultuur centraal. De bacheloropleiding omvat een verplicht gedeelte van twee jaar en een keuzegedeelte met de omvang van één jaar. In het verplichte gedeelte wordt de basis gelegd waarop in het vervolg van de studie kan worden voortgebouwd.
Om deze doelstelling te bereiken, maken studenten in het verplichte gedeelte van de bacheloropleiding kennis met drie grote religieuze tradities in het Westen: christendom, jodendom en islam en met de "kleine" traditie van de westerse esoterie. Tevens worden ze ingeleid in de wetenschappelijke perspectieven op godsdienstige verschijnselen die binnen de religiewetenschap, godsdienstsociologie, -psychologie en -wijsbegeerte ontwikkeld zijn. Verder bestaat het verplichte gedeelte uit een module Academische vaardigheden, Wetenschapsfilosofie en een scriptiemodule (of wetenschappelijk stageverslag of literatuurverslag) waarmee de bacheloropleiding wordt afgerond.
In het keuzegedeelte kunnen studenten voortbouwen op datgene wat ze zich inmiddels hebben eigen gemaakt. Dit gedeelte bestaat uit een minor van drie samenhangende modules en drie keuzemodules. De minor dient buiten de eigen opleiding te worden gevolgd. Hij kan worden gekozen met het oog op een kennismaking met een geheel ander vakgebied dan religiestudies zoals economie of rechten, of juist ter ondersteuning van een bepaald onderdeel van de opleiding Religiestudies. Voorbeelden van ondersteunende minors zijn: Taalverwerving Arabisch (bij islam), Taalverwerving Hebreeuws (bij jodendom, bijbel), Talen van de bijbel (bij bijbel), Geschiedenis (bij christendom), Kunstgeschiedenis (bij westerse esoterie), Metafysica en geschiedenis van de filosofie (bij godsdienstwijsbegeerte), Psychologie (bij godsdienstpsychologie) en een minor van de onderzoeksgroep Godsdienst & Maatschappij van de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen (bij godsdienstsociologie, religiestudies algemeen). Als een minor in het buitenland wordt gedaan mag deze worden ingevuld met vakspecifiek onderwijs.
Studenten die na hun bacheloropleiding de
Onderzoeksmaster Onderzoeksmaster Religious Studies willen volgen en zich daarbinnen willen specialiseren in Jewish Cultures of Bibles & Cultures wordt aangeraden een minor Hebreeuws respectievelijk Talen van de bijbel te volgen om daarmee te voldoen aan de eisen die voor deze specialisaties gelden.
De drie keuzemodules kunnen vrij worden gekozen uit modules die aan universiteit en hogeschool (3de en 4de jaar) worden aangeboden. Binnen de eigen opleiding kunnen studenten een keuze maken uit verschillende interdisciplinaire modules. Eén of twee keuzemodules kunnen ook worden ingevuld met een stage met het oog op een bepaald beroepsveld. Tevens is het mogelijk de keuzeruimte in te vullen met een extra minor. Tot slot is het ook mogelijk één keuzemodule te koppelen aan de bachelorscriptie, zodat deze de omvang krijgt van twee modules.
De bacheloropleiding ziet er in schema als volgt uit: