Het bewaren van informatie is essentieel: het is de weerslag van onze kennis en van onze cultuur. De nieuwe, digitale media zijn van grote invloed op het bewaren en terugvinden van informatie. Er is een tekort aan informatieprofessionals, terwijl de uitwisseling van informatie alleen maar belangrijker wordt.
Zonder informatie staat de wereld stil.
De wereld van de informatievoorziening is door alle digitale ontwikkelingen voortdurend in beweging. Dit is van grote invloed op het krachtenveld dat in de studie Culturele Informatiewetenschap centraal staat. Een krachtenveld met aan de ene kant de informatie, aan de andere kant de gebruikers, en de interactie tussen beide. Vanuit verleden, heden en met de blik op de toekomst wordt gekeken naar de hele informatieketen: vanaf de creatie tot en met het (her)gebruik. Hierin vinden grote verschuivingen plaats, die door ontwikkelingen als digitalisering en het ontstaan van nieuwe media in gang zijn gezet. Ook in de bredere context vinden verschuivingen plaats. Maatschappelijke, organisatorische, technologische, economische, juridische, beleidsmatige en gebruikersaspecten: ze komen allemaal aan bod. De informatie die van potentiële waarde is voor de huidige en volgende generaties—het culturele erfgoed—vormt de rode draad waarmee al deze aspecten aan elkaar verbonden zijn. De focus ligt daarbij niet op het culturele erfgoed zelf, maar op de informatie die rondom culturele objecten is verzameld (‘meta-informatie’) en de hierboven genoemde context. Er is in het werkveld grote behoefte aan veelzijdig geschoolde informatieprofessionals, met name ook in de cultuursector.
Culturele Informatiewetenschap bouwt voort op de traditie van de Bibliotheek- en Archiefwetenschap. Juist dit is de grote kracht van de opleiding, omdat het ons de mogelijkheid en de kennis biedt om parallellen te trekken tussen heden en verleden. Dit onderscheidt ons van opleidingen die zich specifieker richten op technologie of communicatie. Maar we blijven niet in het verleden hangen. De blik is nadrukkelijk gericht op de toekomst. Internationaal gezien, binnen de Information Science, is de opleiding een voorloper op het gebied van de digitale ontwikkelingen en de consequenties die dit heeft voor de informatievoorziening. UNESCO stelt dat als er niets verandert, het verlies van digitaal erfgoed snel en onafwendbaar is. ‘Digitale duurzaamheid’ is niet voor niets een belangrijk thema binnen de opleiding.
Na het afronden van de bachelor Culturele Informatiewetenschap, kun je direct doorstromen naar de master Culturele Informatiewetenschap, de duale master Archiefwetenschap of de onderzoeksmaster Media Studies. De master Culturele Informatiewetenschap biedt verdieping op het gehele vakgebied. De duale master Archiefwetenschap geldt als basis voor het wettelijk erkende diploma Archivistiek A; zie de paragraaf ‘Minor en keuzevakken’ voor de aanvullende voorwaarden voor dit diploma. Specifiek voor studenten die zich verder willen ontwikkelen in wetenschappelijk onderzoek is de onderzoeksmaster Media Studies. Maar een afgestudeerde bachelorstudent Culturele Informatiewetenschap kan ook direct aan de slag als informatieprofessional. De veelzijdigheid van de opleiding biedt een zeer breed scala aan beroepsmogelijkheden. Een informatieprofessional kan overal aan het werk!
De eindtermen van de opleiding Culturele Informatiewetenschap zijn opgenomen in de Onderwijs- en Examenregeling (OER). De OERen zijn te raadplegen via de facultaire website:
http://www.student.uva.nl/ifw/onderwijsifw.cfm, onder Onderwijs- en examenregelingen.