UvA homepage UvA homepage
Zoekresultaten

Bachelor Theaterwetenschap

Vol- en deeltijd - Dagonderwijs

Onderwijsinstituut
Kunst-, religie- en cultuurwetenschappen
Studielast
180
Duur
3 jaar
Voertaal
Nederlands
Vooropleidingseis
alle profielen geven toegang
De studie
Studieschema
Inleiding - Programma - Doorstroommogelijkheden - Overige informatie - BA-scriptiereglement - BA-scriptiereglement - bijlage 1 - Scriptiereglement - bijlage 2 - Feedback op studieresultaten - Studeren in het buitenland - Stage - Honoursprogramma FGW - Algemene informatie over het onderwijs in de FGw

De studie

Inleiding

De opleiding Theaterwetenschap houdt zich bezig met levende kunst die uitsluitend in het heden, het hier en nu bestaat. Omdat het theater in al zijn vormenrijkdom, variërend van dans tot opera, van (panto)mime tot cabaret, in onze West-Europese cultuur zo'n 2500 jaar oud is, bestrijkt de studie twee en een half millennium 'heden', van de Griekse oudheid tot de dag van vandaag.

Bij de bestudering van theater worden drie aspecten onderscheiden die tevens de invulling van het bachelorprogramma bepalen:

  1. een historisch aspect. Hierbij wordt de voorstelling bestudeerd in haar sociaal-culturele context, waarin het theater fungeert als institutie. De aandacht gaat hierbij vooral uit naar de interne structuur van deze institutie en de relatie met andere maatschappelijke instituties en de maatschappij als geheel. Er wordt, anders gezegd, geprobeerd een zo goed mogelijk beeld te krijgen van de oorspronkelijke opvoeringsomstandigheden;
  2. een theoretisch aspect. De theoretische theaterwetenschap houdt zich zowel bezig met vraagstukken van algemeen theoretische aard (verhouding van theater tot andere kunstvormen, beschrijving van theatrale systemen en -organisaties), als, meer specifiek, met methoden voor het analyseren van repetitieprocessen, voorstellingen en publieksreacties;
  3. een praktisch aspect. Hierbij wordt het proces van tekst naar voorstelling als in een laboratoriumsituatie nagebootst en onderzocht, niet om studenten op te leiden tot acteur, regisseur, toneelschrijver of wat dies meer zij, maar om inzicht te verwerven in het uiterst complexe wordingsproces van een voorstelling.

Dat theater een uitvoerende kunst is, brengt met zich mee dat de voorstelling in het hier-en-nu ontstaat - binnen een bepaalde specifieke culturele context. Daarmee is de Theaterwetenschap in historische zin behalve een kunstvak ook een cultuurstudie, omdat de context van elke voorstelling gekend moet worden om er zinvolle uitspraken over te kunnen doen. Daardoor zijn er tal van raakvlakken met andere wetenschappelijke disciplines, zoals letterenstudies, sociologie, (kunst)geschiedenis, antropologie, psychologie of communicatiewetenschappen. Dit zorgt voor een rijke waaier van keuzemogelijkheden aan minors voor de bachelorstudent om zich tijdens de studie in een zelf gekozen richting tijdens de bachelorfase te ontwikkelen.

Doel van de bacheloropleiding is het aanleren van de intellectuele vaardigheden, waarmee een student Theaterwetenschap in staat is in de praktijk van het Nederlands theater te functioneren. Maar ook kan de student, op basis van zijn ontwikkeld vermogen om zelfstandig kennis te verwerven en zelfstandig onderzoek te verrichten, in de masterfase zich als onderzoeker, praktijkspecialist of docent in de CKV-vakken verder specialiseren.

Zie de Onderwijs- en examenregeling (OER) van de BA Theaterwetenschap voor de doelstellingen en eindtermen van de opleiding. De OER is te raadplegen via “Onderwijs A-Z” op de facultaire website, http://www.student.uva.nl/thw/onderwijsthw.cfm.